Home / Veterinaire Informatie / Juridische aspecten

Juridische aspecten

Na een aantal stukjes over allerlei ziekten die uw paard kan oplopen nu eens iets heel anders: het raakvlak van de paardenhandel, de paardenpraktijk en de wet. Al in een ver verleden is er een wet over koopvernietigende gebreken gemaakt omdat er vanouds in de veehandel (en tegenwoordig ook al in de gezelschapsdierenhandel) veel onenigheid ontstond over de geleverde waar. Vee en huisdieren worden voor de wet beschouwd als koopwaar, als was het dood materiaal. Dat is het niet en dat maakt de zaak alleen maar gecompliceerder.

Voorbeeld 1

Iemand koopt een duur springpaard. Na een week blijkt het paard niet helemaal rad te lopen. Hij biedt het paard aan op een kliniek om uit te zoeken waarom het paard kreupel is en vooral: om vast te stellen of de oorzaak al voor de koop aanwezig was! Want in dat geval zou de koop mogelijk ontbonden kunnen worden en krijgt hij inplaats van een kreupel paard zijn geld terug. Het paard komt op de kliniek van de wagen en lijkt koliekerig. Tijdens het kreupelheidsonderzoek neemt de koliek ernstige vormen aan, zodanig dat verder onderzoek niet verantwoord is. Het paard laat zich vallen en slaat heftig met de benen.
Er zijn maar weinig vormen van koliek die zich zo acuut ontwikkelen en een slag in de dikke darm is daar één van. Deze diagnose wordt bij het paard gesteld en omdat de prognose van een operatie niet gunstig is en de koper de bui al ziet hangen met de kreupelheid wordt het pas aangekochte paard geëuthanaseerd. Na de euthanasie wordt het been waaraan het paard kreupel was röntgenologisch onderzocht en het blijkt dat er een ernstige vorm van hoefkatrolontsteking aanwezig was. Dat is koopontbindend en het feit dat het paard inmiddels dood was doet daar niets aan af. Daar had de koper geen schuld aan.
Het spreekt voor zich dat de verkoper niet helemaal gelukkig was met de gang van zaken en niet direct bereid was het aankoopbedrag terug te storten. Hij kreeg immers geen paard weer terug. De waar was vergaan… Dit voorbeeld is echt gebeurd en ging gepaard met de nodige dreigementen zoals die bijna altijd geuit worden als het mis gaat in de zin van verborgen gebreken.

Er is in het verleden een boek uitgebracht over verborgen gebreken waarmee geprobeerd werd verdere escalatie van het probleem te vermijden. In dat boek werden strikte regels geformuleerd waaraan een ieder geacht werd zich te houden. Van heel veel ziekten en aandoeningen werden termijnen genoemd binnen welke men in redelijkheid kon aannemen dat een aandoening zich kon ontwikkelen. Bekend is bijvoorbeeld de hoefkatrolontsteking. Als die duidelijk aanwezig was en tot kreupelheid had geleid werd een termijn van drie maanden in acht genomen. Had je het paard vier maanden geleden gekocht dan had je pech gehad. Veterinair gezien was het lastig om te verklaren dat een hoefkatrol zich niet binnen die drie maanden had kunnen ontwikkelen hoewel het soms overduidelijk was dat de klachten langer hadden bestaan.

Een heel ander voorbeeld

Uw nieuwe aanwinst geeft drie dagen na de koop een demonstratie van fanatiek luchtzuigen. Het paard pakt de bak beet en slikt met de nodige kracht een hap lucht door met de karakteristieke beweging die op niets anders wijst dan op luchtzuigen. Ook deze aandoening is koopvernietigend maar kan het paard eigenlijk op ieder moment leren. Als compromis hanteert men een termijn van 2 x 24 uur. Dat is zeer willekeurig maar zonder termijn wordt het nog moeilijker om uitspraken te doen over een stalgebrek. Voor weven geldt min of meer hetzelfde. Natuurlijk denkt de koper direct dat hij gepakt is maar dat hoeft natuurlijk helemaal niet zo te zijn. Het is voor de verkoper ook niet te bewijzen dat zijn paard het bij hem niet deed. Mogelijk dat getuigenverklaringen daar meer licht in kunnen brengen maar dat valt in de praktijk niet mee.

Nog een voorbeeld

OC en OCD, groeistoringen die optreden in het eerste levensjaar en mogelijk al in de baarmoeder. Je zou dus in het geval van deze aandoeningen altijd terug kunnen dateren tot dit eerste levensjaar ook al koop je een paard met OCD als het 6 jaar is en je ontdekt het na een jaar. Juridisch gezien is dat juist maar men heeft in Nederland besloten om ook deze aandoening qua termijn te beperken tot drie maanden. Dat besluit is natuurlijk aanvechtbaar maar is genomen omdat het anders min of meer onmogelijk wordt een paard te verkopen zonder uitgebreide röntgenologische keuring. Met deze keuring wil de verkoper zich vrijwaren van latere claims en de koper van tegenvallers bij zijn nieuwe aanwinst.
De keurend dierenarts komt dus soms onder behoorlijke druk te staan om een objectieve beoordeling te geven. Er gaan soms grote bedragen om in de handel. Helaas is de macht van het geld nogal sterk en worden er bij keuringen soms zeer geflatteerde rapporten uitgedeeld. Dat dit zo nu en dan niets anders is dan regelrechte fraude lijkt niemand te deren. In de volgende aflevering ga ik uitgebreider in op bepaalde afwijkingen die we aantreffen bij de keuring en hoe we daar mee om moeten gaan.

S.Boerma
Paardenkliniek Garijp

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Top