Inteelt

Ophef over inteelt

Op 5 maart 2009 heb ik een verhaal gehouden over een aantal erfelijke gebreken bij het Friese paard. De avond werd gehouden om belangstellenden op de hoogte te brengen van de nieuwe Wet Dieren die in de plaats komt van de bestaande Welzijnswet. Door de nieuwe wet worden een aantal zaken die van invloed zijn op het welzijn van het paard overgedragen van de overheid naar de Sectorraad Paard. In de Sectorrraad Paard zitten vertegenwoordigers van allerlei groepen die zich bezighouden met de paardenhouderij zoals manege-eigenaren, fokkers, stamboeken etc.
Eén van de punten die het welzijn van paarden kan beinvloeden is de aanwezigheid van erfelijke aandoeningen. Is zo’n aandoening inderdaad van invloed op het welzijn van het veulen (of in een later stadium van het volwassen paard), dan dient er niet met de erfelijk belaste ouderdieren gefokt te worden. Dat lijkt een logische stap om erfelijke aandoeningen uit een ras te fokken. Het probleem ten aanzien van het Friese Ras is echter dat er veel erfelijke aandoeningen voorkomen en het aantal beschikbare ouderdieren in verhouding te klein is. Het is een gesloten stamboek, dat wil zeggen dat er geen vers bloed van andere rassen wordt toegelaten.

Onderzoek

Collega M. Sevinga heeft een goed onderbouwd onderzoek uitgevoerd naar het aan de nageboorte blijven staan van Friese merries. Hij concludeerde ondubbelzinnig dat het percentage merries met nageboorteproblemen 54 % was terwijl dat bij het KWPN paard 2-4 procent was. Verbening van de hoefkraak-beenderen komt bij ongeveer 30% van de Friezen voor, en staart- en maneneczeem bij ongeveer 18% (onderzoek uit 2007). Het elimineren van één enkele aandoening uit een ras is al lastig, worden het meer aandoeningen dan wordt dat heel veel lastiger.

Naar aanleiding van mijn verhaal in het van Hall instituut heeft de Leeuwarder Courant een stukje geschreven waarin geheel is voorbijgegaan aan de opzet van de avond. Alleen het fokkerij gedeelte is eruit gepikt waarbij de lezer die het stuk niet goed leest zou kunnen denken dat ik heb voorgesteld om de fokkerij met de Friezen te stoppen. Het mag duidelijk zijn dat ik dat niet heb voorgesteld. Wel heb ik een aantal variaties op het huidige selectiebeleid genoemd. Zo zou er bij de keuze van de hengsten (en de merries!) niet meer star gekeken kunnen worden naar het voorkomen van bijvoorbeeld een kleine afplatting in een gewricht of een sperma­kwaliteit die net niet aan de norm voldoet maar naar alle factoren bij elkaar.

Slokdarmverlamming vanwege inteelt

Natuurlijk zijn exterieur en beweging erg belangrijk en willen we de meest vruchtbare hengst die geheel OC en OCD vrij is inzetten in de fokkerij. Maar als die hengst waterhoofdjes vererft en mogelijk ook nog de dwergfactor of een factor voor de afwijkende slokdarm dan wordt het een heel ander verhaal. Dan moeten er misschien concessies gedaan worden ten aanzien van de stokmaat of andere exterieur eigenschappen.

Lastig te voorkomen

Helaas zijn er op dit moment nog geen goede testen waarmee de genoemde afwijkingen vastgesteld kunnen worden voor er een dekking heeft plaatsgevonden. Er is hard gewerkt aan een DNA test voor de dwergfactor maar die is op dit moment nog niet beschikbaar. De dag dat hij er is staat het op deze site! Alle andere testen staan nog geheel in de kinderschoenen. En kosten veel geld. Het zou uitermate logisch zijn als de overheid gezien de nieuwe regelgeving een fors bedrag zou investeren in de gezondheid van het Friese paard. Ieder jaar dat adequate selectie achterwege blijft raken we vele jaren achterop.

2 thoughts on “Inteelt

  1. Geen idee van wanneer dit artikel is, wil toch graag reageren, in mijn hobby fokkerij veel erfelijke afwijkingen bij mijn fokprodukten gehad, bij verschillende lijnen.exterieurmatig goede paarden, hoog percentage ster….. toch 1 aneurysma , slokdarmproblemen, vruchtbaarheidsproblemen, insulineresistentie, ben overgegaan op kruisen , met superleuke resultaten en super bewegers, gebruik daarbij wel bewezen hengsten, kwpn, Andalusiërs.afwachten wat ze in de sport gaan doen

    Met vriendelijke groet

    A.tjeerdema

  2. Beste Attie, in de jaren 90 van de vorige eeuw viel het mij al op dat bepaalde aandoeningen bij Friezen wel heel veel vaker voorkwamen dan bij andere rassen. Bij het stamboek stond ik keer op keer voor een dichte deur. Eind jaren 90 ben ik samen met collega Back van de Faculteit Diergeneeskunde te Utrecht begonnen materiaal te verzamelen van veulens met dwerggroei of een waterhoofd. Het heeft heel lang geduurd voor daar echte gen testen uit voort kwamen maar die zijn er nu. Daarnaast zijn er inderdaad nog een aantal andere genetische afwijkingen die minder makkelijk vast te stellen zijn. Het stamboek heeft heel lang, veel te lang, ontkend dat er iets aan de hand was. Ergens rond 2007 zijn hun ogen open gegaan en nu merk ik zelf al dat bepaalde afwijkingen tamelijk snel afnemen. Andere helaas nog niet omdat ze minder makkelijk op te sporen zijn ( zoals de verlamde slokdarm ). Maar ook dat gaat lukken alleen was het beter geweest als het licht eerder was gaan schijnen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Top